“We proberen altijd de mens en zijn verhaal te zien”

Positieve gezondheid in revalidatie

Positieve gezondheid is een belangrijk uitgangspunt binnen Bravis. Het is niet alleen een veel ruimere benadering van gezondheid, maar ondersteunt ook goed doelen als ‘patiëntparticipatie’ en ‘samen beslissen’. Ergotherapeut Krein Jongmans vertelt hoe hij en zijn collega’s van het revalidatieteam positieve gezondheid toepassen in hun werk bij mensen met chronische pijn.

Foto: Ergotherapeut Krein Jongmans van het Bravis-revalidatieteam

De Nederlandse arts en onderzoekster Machteld Huber introduceerde pakweg tien jaar geleden het begrip ‘positieve gezondheid’. Dit was eigenlijk een reactie op de vrij statische definitie dat gezondheid een fysiek, mentaal en sociaal welzijn is, zonder ziekte of gebreken. “Dat klinkt bijna als een utopie, wie is er dan nog gezond eigenlijk?”, glimlacht Krein Jongmans. “Huber ziet gezondheid vooral als het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren in alle sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven.”

Ze verlegt daarmee de focus van klacht naar kansen?
“Ja, begrippen als je eigen regie voeren, aanpassingsvermogen en veerkracht zijn een rode draad in haar benadering. In poliklinische revalidatie ontvangen we mensen met chronische klachten. Behalve langdurige pijn in het bewegingsapparaat, ervaren zij ook klachten van vermoeidheid en dreigen zij vast te lopen op verschillende domeinen in hun dagelijks leven. Vaak zijn deze mensen al een tijd op zoek naar een oplossing voor hun lichamelijke klacht. Bij een groot deel hebben medicatie, massage of oefeningen onvoldoende effect. Wij zijn van mening dat er nooit alleen een lichaam binnenkomt, maar een mens met een verhaal. Met positieve gezondheid willen we veel breder kijken hoe we invloed kunnen uitoefenen op iemand zijn gezondheid. In plaats van enkel de focus op pijnreductie willen we weten wat iemand echt belangrijk vindt. Met de kleinkinderen naar de speeltuin kunnen gaan? Opnieuw sporten? Of weer aan het werk?”

Hoe maak je dan de vertaalslag om die positieve gezondheid in de praktijk te brengen?
“Huber onderscheidt zes pijlers in positieve gezondheid: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, sociaal-maatschappelijk participeren en dagelijks functioneren. Om hier mee aan de slag te kunnen gaan, heeft ze een heel handige tool ontwikkeld: Mijn Positieve Gezondheid. Dit is een online vragenlijst met 44 stellingen die telkens onder een van die zes pijlers vallen. De stellingen beoordeel je met een score van 0 tot en met 10. Alleen al door al die stellingen te beoordelen krijgen mensen een veel bredere blik op wat gezondheid allemaal kan inhouden. Na afloop zie je dan in een soort visueel spinnenweb hoe je zelf vindt dat je scoort op elke pijler van gezondheid.”

En hoe gaan jullie dan met die scores aan de slag?
“We vinden het heel belangrijk om in overleg met ons team én de patiënt doelen te stellen die hij zelf belangrijk vindt. We vragen de patiënt waar hij tegenaan loopt en wat hij belangrijk vindt. Op basis daarvan kiezen we samen de pijlers waaraan we gaan werken en hieruit volgen dan weer revalidatiedoelen. Deze werkwijze sluit aan op onze Bravis-ambities: samen beslissen en het vergroten van de eigen regie. Het mooie van dit model is dat als een patiënt zich richt op doelen die voor hem belangrijk zijn, andere pijlers vaak ook automatisch meegroeien.”

Positieve gezondheid vraagt dan ook van jullie als team een multidisciplinaire aanpak?
“Jazeker, we hebben een hele pool aan therapeuten. Dat zijn bijvoorbeeld fysiotherapeuten, ergotherapeuten, maatschappelijk werkers en we doen ook beroep op medisch psychologen. Wij noemen onze aanpak zelfs interdisciplinair. Hierbij vervagen de grenzen van ons vakgebied en maken we gebruik van de overlap en ieders individuele kwaliteiten.”

Kun je een voorbeeld geven van een casus waarin jullie benadering succesvol uitpakte?
“Deze week zag ik nog iemand die hier zeven weken geleden een traject opstartte. Door jarenlange lage rugklachten wandelde hij niet alleen letterlijk krampachtig door het leven, maar durfde hij ook niet goed meer keuzes te maken en ging hij veel uit de weg. Hij ging niet meer naar feestjes, kon moeilijk opdrachten aannemen voor zijn werk en durfde niet meer met zijn kinderen te stoeien. Op verschillende van die zes domeinen kwam zijn verstarring tot uiting. Door hem met ons team toch aan het bewegen te krijgen en inzicht te geven over hoe angst invloed heeft op spierspanning, is er voor hem echt iets veranderd. Hij heeft het idee kunnen loslaten dat hij een zwakke rug heeft en durft nu weer vrijer te bewegen. Hij zegt dat hij meer wil, zijn klachten zijn nagenoeg verdwenen en hij gaat weer hardlopen. Dat is een prachtig voorbeeld hoe dat zich heeft ontwikkeld.”

Een dergelijk resultaat zal wellicht niet altijd haalbaar of realistisch zijn?
“Nee, helemaal niet, ieder mens is uniek en het valt voor niemand te voorspellen wat het resultaat zal zijn van een traject. Soms is het bijvoorbeeld zo dat mensen vast blijven houden aan het idee van een zwakke rug, waardoor ze zich beperkt ervaren. Door die zes pijlers in kaart te brengen, kan best blijken dat er juist een emotionele pijn is die samenhangt met een ervaring uit het verleden. Die maakt dat iemand nog in angst leeft en het zenuwstelsel in een overlevingsstand verkeert. Zo komen we er samen achter dat we ook die emotionele pijn mogen aankijken om de patiënt beter in zijn vel te laten voelen. Dan komen we in de buurt van een start voor acceptatie en is het voor de patiënt makkelijker om bijvoorbeeld ook naar een psycholoog te stappen. Dat is ook absoluut een waardevol resultaat, er is dan meer ruimte voor een genezingsproces.”

Hoe lang duurt zo’n traject dat jullie met een patiënt doorlopen?
“Wij zitten in de luxepositie dat we relatief intensief met een patiënt kunnen samenwerken. Dat is natuurlijk anders bij een medisch specialist die zijn patiënt maar een of twee keer ziet. Gemiddeld duurt een traject bij ons drie maanden en zien we de patiënt twee, of heel soms drie keer per week.”

En hoe rond je dan met een patiënt na drie maanden het traject af?
“Om samen met de patiënt terug te blikken op het afgelopen traject, leggen we vaak opnieuw de 44 stellingen van Mijn Positieve Gezondheid voor. De resultaten van bij de start én het einde van het traject zie je dan samen terug in het visuele spinnenweb. Je kunt deze eigenlijk spiegelen aan de afgelopen maanden. Dat biedt handvaten om te bespreken op welke pijlers de patiënt een verandering of groei heeft doorgemaakt. Het is belangrijk dat de patiënt inzicht krijgt in een structuur die voor hem werkt, zodat een probleem of klacht zich minder snel voordoet en hij zelfstandig verder kan. Meer eigen regie voor de patiënt, dat is waar we samen aan werken.”