Revalidatie geeft hartfalenpatiënten vertrouwen in lichaam en toekomst

De diagnose hartfalen is een zware boodschap. In de meeste gevallen is een minder pompend hart blijvend en heeft het een grote invloed op het dagelijks leven. Naast medicijnen en het beperken van vocht en zout, is bewegen een belangrijk middel om binnen ieders mogelijkheden zo normaal mogelijk te functioneren. Hartrevalidatie in het Bravis ziekenhuis geeft met een trainingsprogramma van tien weken de eerste aanzet om weer vertrouwen in het eigen lichaam en in de toekomst te krijgen.

Coördinator Yvonne Buermans ontvangt de hartfalenpatiënten die zijn doorverwezen door de cardioloog. “Tijdens het intakegesprek probeer ik te achterhalen wat de patiënt nodig heeft. Daar gaan we samen als team van diëtisten, maatschappelijk werkers, psychologen, ergotherapeuten en fysiotherapeuten aan werken. Het nauwst werken we samen met de fysiotherapeuten”, vertelt Yvonne. Mieke Verschuren is een van de fysiotherapeuten in het Bravis ziekenhuis. “Wij nemen eerst bij de patiënten fiets-, wandel- en krachttesten af. Daardoor weten we hoe de fysieke conditie is. Daar stellen we het trainingsprogramma op af”, legt Mieke uit. “We trainen op de helft van wat maximaal mogelijk is. Voor hartfalenpatiënten heeft het geen zin om harder te trainen. Daar gaat het hart niet beter van pompen. Belangrijk is om rustig aan de spierkracht te vergroten, dan houd je het langer vol.”

Trainen op het eigen niveau
Tijdens de revalidatie trainen de patiënten twee keer per week een uur. In verband met corona is dat nu tijdelijk één keer per week. Geoefend wordt in groepen van zes personen, maar iedereen op zijn eigen niveau. Het doel is om thuis de gewenste dagelijkse activiteiten aan te kunnen. “Je leert de patiënten inzicht te krijgen in en het accepteren en verwerken van het chronisch ziek zijn. Met als doel om de kwaliteit van leven zoveel mogelijk te behouden”, aldus Yvonne.  Daarvoor is in beweging blijven van groot belang. “Als mensen op de stoel blijven zitten en niets meer doen, worden ze steeds sneller moe. We hebben weinig invloed op de pompkracht van het hart, maar wel op de kracht van arm-, been- en ademhalingsspieren. Als die sterk zijn, kun je met dezelfde pompkracht van het hart toch net iets meer. Wel met de nadruk op iets: iets makkelijker de trap op en iets makkelijker wassen, douchen en aankleden. Als je het gedoseerd en rustig aan doet, is ook voor deze doelgroep een stukje wandelen of (elektrisch) fietsen mogelijk”, verzekert Mieke. “We worden soms echt verrast door wat de patiënten uiteindelijk kunnen.”

Angst
Het is wel vaak nodig om de hartfalenpatiënten eerst over een drempel te helpen. “Mensen die de diagnose hartfalen krijgen, hebben meestal de angst om zich in te spannen. Als de patiënten ervaren dat er niets gebeurt, raakt die angst steeds meer op de achtergrond en groeit het vertrouwen in het eigen lichaam”, meldt Yvonne.

Motivatie
Het resultaat van de revalidatie is mede afhankelijk van de motivatie van de patiënt.  “Daarom is het belangrijk dat de mensen het ook een beetje leuk vinden”, zegt Mieke. “Als iemand niet van fietsen houdt, dan kun je beter een alternatief zoeken dat dichter bij de persoon ligt. Zo houdt men het ook op de langere termijn vol. Daarnaast proberen we de revalidatie niet al te zwaar te maken. Zo draaien we altijd muziek om het luchtig te houden. Aan het begin en aan het eind van de revalidatie nemen we testen af. Het werkt altijd motiverend om te horen dat je vooruit bent gegaan. Dat is vaak het geval.”

Het begin
Na tien weken kunnen de patiënten op eigen kracht de activiteiten thuis voortzetten. “Na een maand bellen we nog wel even om te vragen hoe het gaat. Maar binnen die tien weken krijgen de mensen voldoende handvatten om thuis de conditie zo goed mogelijk op peil te houden of te verbeteren. Met fietsen en wandelen kunnen ze het beweegniveau vasthouden. Ook raden we de mensen aan om deel te nemen aan een beweeggroep voor hartpatiënten. In Roosendaal kan dat bij sportvereniging IRIS en in Bergen op Zoom bij Hartentroef. Daarnaast zijn er natuurlijk ook nog andere sportmogelijkheden”, aldus Yvonne. “Het houdt niet op bij onze revalidatie. Nee, wij zijn eigenlijk pas het begin.”

 

Van 3 tot 9 mei zijn de Europese Hartfalendagen. Deze week wordt in ziekenhuizen en huisartspraktijken extra aandacht besteed aan hartfalen.

Bij deze chronische aandoening kan het hart niet genoeg bloed rondpompen. Daardoor krijgen organen en spieren te weinig zuurstof en voedingsstoffen.

Jaarlijks krijgen bijna 38.000 Nederlanders voor het eerst de diagnose hartfalen. De meerderheid daarvan is vrouw, namelijk 52%. Naar schatting leven zo’n 240.000 mensen met hartfalen in ons land. Hiervan is twee derde 75 jaar of ouder.

Bron: De Hartstichting